ferropas.eu

Geldt het productpaspoort ook voor kleine bedrijven?

Kleine bedrijven vallen niet automatisch buiten de regels

Nee, de ESPR maakt geen algemene uitzondering voor kleine bedrijven. Artikel 22 van de verordening gaat niet over vrijstelling, maar over ondersteuning: het beschrijft dat er maatregelen komen om kleine en middelgrote bedrijven te helpen bij het voldoen aan ecodesign-eisen, waaronder de verplichting tot een digitaal productpaspoort. De verplichting zelf is gekoppeld aan een productcategorie — welke producten wanneer een paspoort nodig hebben, wordt per categorie vastgelegd in een gedelegeerde handeling — en niet aan de omvang van het bedrijf dat het product op de markt brengt. Een klein staalhandelsbedrijf dat halffabricaten van ijzer of staal importeert of op de markt brengt, valt in beginsel onder dezelfde regels als een grote fabrikant, zodra die regels voor die productgroep gaan gelden.

Voor wie de ondersteuning is bedoeld, en waarvoor niet

Artikel 22 richt zich op micro-, kleine en middelgrote ondernemingen en beschrijft dat lidstaten passende maatregelen nemen om hen te helpen bij de uitvoering van ecodesign-eisen. Daarbij worden voorbeelden genoemd als financiële ondersteuning, toegang tot testfaciliteiten en informatievoorziening over aankomende eisen. Dit artikel gaat dus over hulp bij het naleven van de regels, niet over het schrappen ervan. Het is belangrijk dit uit elkaar te houden: er bestaat geen bepaling in de meegegeven bron die zegt dat een bedrijf onder een bepaalde omvang geen paspoort hoeft te leveren. Wat wél kan gebeuren — maar dat is nog niet bekend voor ijzer en staal — is dat een toekomstige gedelegeerde handeling voor een specifieke productgroep eigen overgangsregels of lichtere administratieve eisen voor kleinere marktdeelnemers bevat. Zolang die handeling er niet is, is daar niets over te zeggen.

Voor wie het paspoort feitelijk moet aanleveren, maakt bedrijfsgrootte dus in de basis geen verschil: de verplichting rust op degene die het product op de markt brengt, ongeacht of dat een fabrikant, importeur of andere marktdeelnemer is. Wie puur als afnemer of verwerker met het materiaal werkt — bijvoorbeeld een constructiebedrijf dat staal inkoopt van een handelaar — krijgt in die rol doorgaans geen eigen paspoortverplichting, maar dat volgt uit de rolverdeling in de keten, niet uit de bedrijfsgrootte.

De datum staat nog niet vast, ook niet voor kleine bedrijven

Er is nog geen vastgestelde datum waarop de paspoortplicht voor halffabricaten van ijzer en staal ingaat. Het werkplan van de Commissie voor 2025-2030 noemt dat de eerste gedelegeerde handelingen naar verwachting in 2026 volgen, met verplichtingen die daarna nog een periode later ingaan. Dit is een verwachting uit het werkplan, geen toezegging en geen wet. Tot een gedelegeerde handeling voor ijzer en staal is gepubliceerd, geldt er voor deze productgroep geen paspoortplicht — voor kleine bedrijven net zomin als voor grote. Zodra die handeling er is, zal daarin ook blijken of er voor kleinere marktdeelnemers een aparte regeling is opgenomen, zoals een langere overgangstermijn. Dat is nu niet te voorspellen.

Wat een klein bedrijf hiermee kan doen

Eerst is het zinvol om de eigen rol in de keten scherp te krijgen: wie het product als fabrikant of importeur op de EU-markt brengt, is normaal gesproken degene bij wie de paspoortverplichting straks komt te liggen, ongeacht bedrijfsgrootte. Daarna is het zaak de publicatie van de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal in de gaten te houden, want pas daarin staat of er bijzondere bepalingen voor kleinere bedrijven in zitten. Ondertussen kan alvast gekeken worden welke ondersteuning er via de eigen lidstaat beschikbaar is of komt op grond van artikel 22 — denk aan voorlichting, testfaciliteiten of financiële regelingen — zodat die niet ongebruikt blijft zodra de verplichting daadwerkelijk ingaat. Tot slot is het verstandig om nu al te inventariseren welke gegevens over herkomst, samenstelling en verwerking van het materiaal beschikbaar zijn, omdat die basis straks nodig is voor het samenstellen van een paspoort, onafhankelijk van wie dat paspoort uiteindelijk technisch aanlevert.

Waar dit op is gebaseerd

Dit antwoord is gebaseerd op artikel 22 van Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), dat gaat over ondersteuning van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen bij de uitvoering van ecodesign-eisen, en op de informatie uit het werkplan van de Commissie voor 2025-2030 over de verwachte timing van gedelegeerde handelingen. Er is in de geraadpleegde bron geen bepaling die kleine bedrijven vrijstelt van de paspoortverplichting zelf.

Wie meer wil weten over de precieze inhoud van artikel 22, of wil volgen wanneer de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal wordt gepubliceerd, kan de officiële tekst van de ESPR raadplegen en deze pagina periodiek terugbezoeken: zodra de datum en eventuele bijzondere bepalingen voor kleinere bedrijven bekend zijn, wordt dat hier bijgewerkt.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Artikel 22 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) gaat specifiek over kleine en middelgrote bedrijven. De strekking daarvan is dat de Europese Commissie en de lidstaten maatregelen nemen om kmo's te ondersteunen bij de toepassing van de eisen uit de verordening — denk aan voorlichting, training en gerichte ondersteuning. Wat artikel 22 niet doet, is een algehele vrijstelling regelen voor kleine of middelgrote bedrijven. De verplichtingen uit de ESPR zelf, en uit de gedelegeerde handelingen die per productgroep de precieze eisen vastleggen, gelden in beginsel voor iedere marktdeelnemer die onder het toepassingsgebied valt — ongeacht bedrijfsgrootte, tenzij een gedelegeerde handeling zelf een uitzondering voor kleinere partijen bevat.

Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit dat de omvang van de organisatie op zichzelf geen vrijbrief is. Wat wel telt, is de rol die het bedrijf speelt in de keten: welke producten van de staalsector vallen onder de ESPR en of het bedrijf optreedt als fabrikant, importeur of verwerker van halffabricaten bepaalt eerder of de verplichtingen gelden dan het aantal medewerkers op de loonlijst.

Ondersteuning is aangekondigd, geen vrijstelling

De tekst van artikel 22 spreekt over maatregelen ter ondersteuning — zoals informatievoorziening en capaciteitsopbouw — niet over een lagere lat qua inhoud van het paspoort. Een klein constructiebedrijf dat halffabricaten verwerkt, kan dus wel rekenen op voorlichting en mogelijk vereenvoudigde toegang tot informatie, maar niet automatisch op minder gegevens in het paspoort of een langere overgangstermijn, tenzij dat expliciet zo in de toepasselijke gedelegeerde handeling is vastgelegd.

De eigen positie in de keten blijft bepalend

Praktisch gezien is de eerste vraag voor een klein of middelgroot bedrijf niet "ben ik klein genoeg om dit te ontlopen", maar "welke rol speel ik". Een handelaar die staal ompakt of doorverkoopt zonder wezenlijke bewerking heeft een andere positie dan een verwerker die halffabricaten omvormt tot een nieuw product. Dat onderscheid werkt door in de vraag of het paspoort al bij binnenkomst aanwezig moet zijn, of dat er een eigen verplichting ontstaat om gegevens aan te leveren of te actualiseren.

Wachten op de gedelegeerde handeling blijft nodig

Zolang de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal er nog niet is, staat niet vast welke concrete eisen gaan gelden en of daarin een lichter regime voor kleinere marktdeelnemers is opgenomen. Wat is een gedelegeerde handeling en waarom bepaalt die wat ik moet doen legt uit waarom die publicatie het moment is waarop pas concreet wordt wat er van een bedrijf wordt gevraagd — ook voor kleinere ondernemingen.

Waar het misgaat in de praktijk

Een paar situaties komen steeds terug bij kleinere bedrijven in de staalketen.

Ten eerste de gedachte dat "wij zijn maar klein" voldoende reden is om de zaak op zijn beloop te laten. Artikel 22 regelt ondersteuning, geen uitzondering, en die twee worden in de praktijk vaak verward.

Ten tweede het moment van actie: sommige bedrijven wachten tot de verplichting officieel ingaat voordat ze zich verdiepen in wat er gevraagd wordt. Bij een keten van fabrikant, handelaar en verwerker kost het inrichten van gegevensstromen en administratie tijd — tijd die een klein bedrijf met beperkte capaciteit eerder tekortkomt dan een grote onderneming met een eigen compliance-afdeling.

Ten derde onduidelijkheid over wie in de keten welke gegevens moet aanleveren. Een klein verwerkingsbedrijf gaat er soms van uit dat de leverancier "het paspoort wel regelt", terwijl niet vastligt wie welke rol vervult zodra het eigen product verandert van vorm of samenstelling.

Ten vierde het onderschatten van de vraag of iets een halffabricaat blijft of een eindproduct wordt. Bij bewerking van staal is dat onderscheid niet altijd vanzelfsprekend, en het bepaalt mede of en hoe het paspoort meegaat. Geldt het productpaspoort voor halffabricaten van staal gaat daar verder op in.

Ten vijfde: verwarring tussen ondersteuningsmaatregelen enerzijds — trainingen, subsidies, voorlichting — en de inhoudelijke verplichtingen anderzijds. Een training over de ESPR verandert niets aan wat er in het paspoort moet staan; die twee sporen lopen los van elkaar.

Wat u kunt vastleggen

Ook zonder dat de gedelegeerde handeling er al is, is het zinvol om als klein of middelgroot bedrijf een aantal zaken op orde te hebben of alvast voor te bereiden:

  • Een overzicht van de eigen rol in de keten: fabrikant, importeur, handelaar of verwerker van het betreffende staalproduct, en of die rol per productlijn verschilt.
  • Een inventarisatie van welke producten of halffabricaten het bedrijf verhandelt of verwerkt, gekoppeld aan de vraag welke producten van de staalsector onder de ESPR vallen.
  • Contactgegevens en afspraken met leveranciers over wie welke gegevens aanlevert zodra een paspoort verplicht wordt, zodat dit niet pas bij de eerste deadline wordt uitgezocht.
  • Een dossier met documentatie die nu al beschikbaar is over materiaalsamenstelling, herkomst en bewerking — dit vormt later mogelijk de basis voor de inhoud van het paspoort.
  • Een aantekening van eventuele ondersteuningsregelingen of voorlichtingstrajecten die vanuit de overheid of brancheorganisatie worden aangeboden aan kleinere bedrijven, zodat daarvan gebruik kan worden gemaakt zodra ze beschikbaar komen.
  • Een abonnement op de aankondiging van de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal, zodat duidelijk wordt of daarin een specifieke regeling voor kleinere marktdeelnemers is opgenomen.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.