ferropas.eu

welke toezichthouder controleert het productpaspoort in nederland

Nederlandse toezichthouder nog niet aangewezen

Welke instantie in Nederland het digitale productpaspoort van staal gaat controleren, staat nog niet vast. Verordening (EU) 2019/1020 regelt op Europees niveau hoe markttoezicht werkt en welke bevoegdheden een toezichthoudende autoriteit krijgt, maar laat aan elke lidstaat over welke nationale instantie die rol vervult. Nederland moet dus zelf een of meer markttoezichtautoriteiten aanwijzen voor producten die onder de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) vallen, waaronder straks ijzer- en staalproducten. Op het moment dat dit artikel is geschreven, is die aanwijzing voor staal nog niet gepubliceerd.

Voor wie dit relevant is en voor wie niet

Markttoezicht raakt in de eerste plaats de partij die verantwoordelijk is voor het product: de fabrikant of de importeur die het productpaspoort aanlevert. Wie precies die rol heeft, is niet altijd vanzelfsprekend — wie is verantwoordelijk voor het productpaspoort van staal? en ben ik importeur of fabrikant volgens de ESPR? gaan daar dieper op in. Voor distributeurs en handelaars die staal doorverkopen zonder het zelf te importeren of te bewerken, ligt de nadruk meer op controleren en doorgeven dan op het opstellen van het paspoort zelf; dat is apart uitgewerkt in welke verplichtingen heeft een distributeur of handelaar van staal?. Markttoezicht volgens Verordening (EU) 2019/1020 gaat over de vraag of een product aan de regels voldoet en of de juiste documentatie aanwezig is — het gaat niet over civiele geschillen tussen twee handelspartijen over de inhoud van een paspoort, en niet over fiscale controles of douanezaken die met andere regelgeving samenhangen.

Wat al vaststaat en wat nog moet komen

Wat vaststaat: Verordening (EU) 2019/1020 verplicht elke lidstaat om markttoezichtautoriteiten aan te wijzen, met bevoegdheden om documenten op te vragen, producten te laten testen en handhavend op te treden wanneer een product niet aan de eisen voldoet. Wat nog niet vaststaat: welke Nederlandse instantie of instanties die rol specifiek voor ijzer- en staalproducten onder de ESPR gaan vervullen. Die aanwijzing volgt doorgaans pas nadat de Europese gedelegeerde handeling voor een productgroep is gepubliceerd en de nationale uitvoeringswetgeving daarop is afgestemd. Tot die tijd is er voor staal geen operationeel toezichtregime specifiek voor het digitale productpaspoort. Zodra hierover meer bekend is, wordt dat hier aangevuld.

Hoe hier praktisch mee om te gaan

Wachten op de aanwijzing van een toezichthouder is geen reden om voorbereiding uit te stellen, want de onderliggende verplichtingen — een correct en volledig paspoort, met de juiste gegevens van fabrikant of importeur — staan los van de vraag wie er straks op controleert. Praktisch gezien is de meest logische volgorde: eerst helderheid krijgen over de eigen rol in de keten (fabrikant, importeur, distributeur, of merkhouder — zie ook ik verkoop staal onder mijn eigen merk — welke verplichtingen krijg ik?), vervolgens de gegevens op orde brengen die straks in het paspoort moeten staan, en pas daarna de vraag beantwoorden wie waarop controleert. Voor bedrijven die staal betrekken van een fabrikant buiten de EU speelt bovendien de vraag wie het paspoort daadwerkelijk regelt; dat is uitgewerkt in mijn fabrikant zit buiten de Europese Unie — wie regelt het productpaspoort dan?. Voor verkoop via een platform geldt weer een net iets andere positie, beschreven in wat betekent het productpaspoort als ik staal via een online marktplaats verkoop?. Wie zich afvraagt wat er gebeurt bij het ontbreken van een paspoort, vindt een overzicht in wat gebeurt er als ik geen productpaspoort heb voor mijn staal?, en de vraag naar mogelijke sancties komt terug in welke boete kan ik krijgen als ik geen productpaspoort heb voor mijn staal. Ook de vraag wie aansprakelijk is bij onjuiste gegevens in het paspoort staat los van welke toezichthouder er controleert, en is behandeld in wie is aansprakelijk als er foute gegevens in het productpaspoort staan.

Grondslag in Verordening 2019/1020 en de ESPR

De verplichting om markttoezicht te organiseren volgt uit Verordening (EU) 2019/1020, die het algemene kader vormt voor markttoezicht en conformiteit van producten binnen de EU en die uitdrukkelijk lidstaten aanwijst als de partij die bevoegde autoriteiten moet organiseren. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) bouwt daarop voort voor ecologisch ontwerp en het digitale productpaspoort, en artikel 27 van die verordening beschrijft de verplichtingen van fabrikanten waarop toezicht wordt gehouden — denk aan het correct en volledig aanleveren van productinformatie. De combinatie van beide verordeningen bepaalt dus wél wat er gecontroleerd wordt en volgens welke bevoegdheden, maar niet wélke Nederlandse instantie dat concreet gaat doen; dat is een nationale uitvoeringskeuze die nog moet worden vastgelegd.

Wie nu al met het productpaspoort aan de slag wil, kan het beste beginnen met de eigen positie in de keten helder krijgen en de basisgegevens op orde brengen — de vraag wie er straks precies op controleert, volgt vanzelf zodra Nederland die instantie aanwijst, en deze pagina wordt op dat moment bijgewerkt.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

Wie het productpaspoort van staal maakt, verkoopt of verhandelt, krijgt op enig moment te maken met markttoezicht. Verordening (EU) 2019/1020 regelt hoe dat toezicht in de EU is opgezet, en artikel 27 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) legt vast welke informatie fabrikanten beschikbaar moeten houden voor de instanties die daarom vragen. Nederland moet op basis daarvan een markttoezichtautoriteit aanwijzen of aanwijzen welke bestaande toezichthouder deze taak krijgt voor producten met een digitaal productpaspoort. Op het moment van schrijven staat nog niet vast welke Nederlandse instantie dat voor staal en ijzeren halffabricaten wordt — dat volgt uit de nationale uitvoeringswetgeving die na de gedelegeerde handeling voor deze productgroep komt.

Informatie beschikbaar houden

Verordening (EU) 2019/1020 gaat uit van een systeem waarin een marktdeelnemer op verzoek documentatie en technische informatie kan overleggen. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dat concreet: de gegevens die in het productpaspoort staan, en de onderbouwing daarachter, moeten op korte termijn opvraagbaar zijn. Niet ergens los in een mailbox van een medewerker die drie jaar geleden is vertrokken, maar op een plek waar iemand binnen het bedrijf ze terug kan vinden.

Weten wie waarvoor verantwoordelijk is

Markttoezicht richt zich niet automatisch op de partij die het paspoort feitelijk heeft samengesteld — het richt zich op de marktdeelnemer die er volgens de regels verantwoordelijk voor is. Dat is niet in elke schakel van de keten dezelfde partij. Wie twijfelt of dat de fabrikant, de importeur of het eigen bedrijf is, vindt de basisverdeling in wie is verantwoordelijk voor het productpaspoort van staal? en de scherpere afbakening in ben ik importeur of fabrikant volgens de ESPR?. Een handelaar die staal alleen doorverkoopt heeft weer een andere positie, beschreven onder welke verplichtingen heeft een distributeur of handelaar van staal?

Meewerken aan een verzoek van de toezichthouder

Verordening (EU) 2019/1020 gaat uit van medewerking: een marktdeelnemer die om informatie wordt gevraagd, werkt daaraan mee binnen de termijn die de toezichthouder stelt. Voor een middelgroot bedrijf betekent dit dat er iemand moet zijn die weet welk paspoort bij welke partij staal hoort, en die de vraag kan doorzetten naar de juiste persoon of het juiste systeem — zeker als het paspoort niet zelf is opgesteld maar is overgenomen van een fabrikant buiten de EU, een situatie die apart wordt behandeld in mijn fabrikant zit buiten de Europese Unie — wie regelt het productpaspoort dan?

Waar het misgaat in de praktijk

Een paar situaties komen steeds terug bij bedrijven die met markttoezicht te maken krijgen, ook al gaat het dan nog niet per se om staal specifiek:

  • De QR-code verwijst naar een paspoort dat niet meer online staat. De hostingpartij is gestopt, het contract is niet verlengd, of een interne migratie is misgegaan. Het paspoort bestaat op papier nog wel, maar is niet meer bereikbaar zoals de regels vereisen.
  • Niemand in het bedrijf weet nog wie het paspoort heeft samengesteld. Na personeelswisselingen is de kennis over de herkomst van de gegevens verdwenen, terwijl een toezichthouder juist vraagt naar de onderbouwing achter een claim in het paspoort.
  • Een product wordt onder een eigen merk verkocht, maar de paspoortverplichtingen zijn nooit heroverwogen. Wie staal ompakt of onder eigen naam op de markt brengt, kan daardoor in een andere rol terechtkomen dan hij dacht — zie ik verkoop staal onder mijn eigen merk — welke verplichtingen krijg ik?
  • Verkoop via een marktplaats zonder dat is vastgelegd wie welke informatie levert. Bij verkoop via een online platform kan onduidelijk zijn wie de partij is die de toezichthouder aanspreekt — dit wordt uitgewerkt in wat betekent het productpaspoort als ik staal via een online marktplaats verkoop?
  • Het paspoort bestaat, maar de gegevens erin blijken onjuist of verouderd. Dan verschuift de vraag van "is er een paspoort" naar "wie is aansprakelijk voor de fout", een onderwerp dat apart aan de orde komt onder wie is aansprakelijk als er foute gegevens in het productpaspoort staan

Wat u kunt vastleggen

Zonder dat de Nederlandse toezichthouder al bekend is, kan een bedrijf wel al orde op zaken stellen zodat een verzoek om informatie geen crisis wordt:

  • Een overzicht van welke productgroepen staal het bedrijf verhandelt of verwerkt, en welk paspoort daarbij hoort.
  • Een vastgelegde afspraak over wie binnen het bedrijf verantwoordelijk is voor het bijhouden en terugvinden van paspoortgegevens — ook na personeelswisselingen.
  • Correspondentie en documentatie van de fabrikant of importeur waarop het paspoort is gebaseerd, bewaard op een vaste plek en niet alleen in een individuele mailbox.
  • Een afspraak met de hostingpartij (of intern) over de bewaartermijn en bereikbaarheid van het paspoort, inclusief wat er gebeurt bij een wisseling van leverancier of platform.
  • Bij twijfel over de eigen rol in de keten: een korte notitie waarin is vastgelegd op basis van welke overweging het bedrijf zichzelf als fabrikant, importeur, distributeur of merkhouder beschouwt — nuttig als een toezichthouder daarnaar vraagt.

Voor bedrijven die zich afvragen of dit soort dossiervorming intern moet gebeuren of kan worden uitbesteed, gaat heb ik extra personeel nodig voor het productpaspoort of kan ik het uitbesteden verder in op die keuze. En voor wie zich afvraagt wat er feitelijk gebeurt als dit soort vastlegging ontbreekt op het moment dat de verplichtingen ingaan, is er wat gebeurt er als ik geen productpaspoort heb voor mijn staal?

Zodra de Nederlandse uitvoeringswetgeving de aangewezen markttoezichtautoriteit voor deze productgroep noemt, wordt dat hier aangevuld.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.