hoe combineer ik mijn cbam rapportage met het productpaspoort
CBAM en het productpaspoort staan naast elkaar, niet in elkaars plaats
CBAM-rapportage en het digitale productpaspoort zijn twee losse verplichtingen die toevallig over dezelfde partij staal kunnen gaan, maar ze regelen iets anders en komen uit andere wetgeving. CBAM (Verordening (EU) 2023/956) gaat over de koolstofuitstoot die vrijkomt bij de productie van ijzer en staal buiten de EU, en verplicht importeurs om daarover te rapporteren en straks ook CBAM-certificaten aan te schaffen. Het productpaspoort komt uit de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) en gaat over de productinformatie van het halffabricaat zelf: samenstelling, herkomst, prestaties, en straks ook milieu-informatie. Beide kunnen los van elkaar bestaan; er is geen wettelijke koppeling die zegt dat een CBAM-rapport automatisch onderdeel is van het paspoort, of omgekeerd.
Voor wie speelt dit, en voor wie niet
CBAM raakt in de eerste plaats de importeur die ijzer en staal van buiten de EU binnenbrengt — dat is degene die de rapportageplicht en straks de certificaatplicht draagt. Wie in Nederland alleen staal doorverkoopt dat al binnen de EU is geproduceerd, of dat via een andere schakel in de keten is geïmporteerd, heeft in de regel geen eigen CBAM-verplichting. Het productpaspoort ligt anders verdeeld: dat raakt de fabrikant of importeur die het product op de EU-markt zet, maar ook distributeurs en handelaren krijgen daarbij een rol als het gaat om het doorgeven en controleren van het paspoort. Wie twijfelt onder welke rol hij valt, vindt een uitgewerkt overzicht bij wie is verantwoordelijk voor het productpaspoort van staal en bij ben ik importeur of fabrikant volgens de ESPR. Belangrijk om vast te houden: CBAM zegt niets over wat er in het productpaspoort moet staan, en het productpaspoort zegt niets over CBAM-certificaten. Wie beide verplichtingen door elkaar laat lopen, loopt het risico dat hij denkt aan iets te voldoen wat in werkelijkheid een ander dossier is.
CBAM loopt al, het productpaspoort komt later
CBAM is al van kracht: de rapportageverplichting uit Verordening (EU) 2023/956 loopt sinds de overgangsperiode die in die verordening is vastgelegd. Het productpaspoort voor ijzer en staal heeft nog geen vaste ingangsdatum. De ESPR zelf is de kaderverordening; de concrete eisen voor ijzer en staal komen in een gedelegeerde handeling die daarna nog moet worden gepubliceerd. Op dit platform wordt rond 2028 verwacht dat die verplichting ingaat, maar dat is een inschatting op basis van het werkplan 2025-2030, waarin een eerste gedelegeerde handeling in 2026 wordt genoemd met verplichtingen die daar achttien maanden later op volgen. Zolang die handeling niet is gepubliceerd, staat er geen harde datum, en die wordt hier pas genoemd zodra ze bekend is. Tot die tijd loopt CBAM dus al als zelfstandige verplichting, terwijl het productpaspoort nog in voorbereiding is.
Hoe dit in de praktijk uit elkaar te houden
Wie met beide te maken heeft — of gaat krijgen — doet er goed aan de twee dossiers apart te administreren in plaats van te proberen ze in één systeem te proppen. De CBAM-rapportage draait om emissiegegevens per zending en per land van herkomst, vaak aangeleverd door de producent buiten de EU; die gegevens horen in de CBAM-rapportagetool en de administratie die daarvoor is opgezet. Het productpaspoort draait om productgegevens die bij het specifieke halffabricaat horen en die via een QR-code of vergelijkbare drager toegankelijk worden gemaakt voor de hele keten. Praktisch betekent dit: eerst nagaan of er een CBAM-plicht is (bij import van buiten de EU) en die rapportage op orde houden volgens de eigen tijdlijn, los van wat er met het paspoort gebeurt. Daarna, zodra de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal is gepubliceerd, kan worden bekeken welke gegevens al beschikbaar zijn — een CBAM-dossier bevat bijvoorbeeld al informatie over het land van productie en het productieproces, wat ook relevant kan zijn voor het paspoort. Dat is geen wettelijke verplichting om gegevens te delen tussen de twee systemen, maar praktisch kan het overlap schelen in het uitzoekwerk. Wie het productpaspoort inricht via een dienst die de gegevens van fabrikant of importeur samenvoegt en hosten, kan dezelfde onderliggende brongegevens gebruiken zonder dat CBAM en paspoort administratief met elkaar verweven raken. Voor wie personeel of capaciteit hierop wil inzetten, staat een overzicht van de keuze tussen zelf doen en uitbesteden bij personeel inhuren of uitbesteden.
Waar dit uit volgt: twee losse verordeningen
De basis voor CBAM ligt in Verordening (EU) 2023/956, die de rapportage- en straks certificaatplicht voor ijzer en staal (en andere goederen) vastlegt voor importeurs. De basis voor het productpaspoort ligt in Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), waarin artikel 39 de test-, meet- en berekeningsmethoden regelt die gebruikt worden om productgegevens vast te stellen — dat artikel raakt aan hoe gegevens voor het paspoort worden bepaald, maar het legt geen koppeling met de CBAM-methodiek. Beide verordeningen verwijzen niet naar elkaar op het punt van gegevensuitwisseling, wat bevestigt dat het twee gescheiden verplichtingen zijn die toevallig dezelfde goederenstroom raken.
Wie nu al met CBAM-rapportage bezig is, kan die administratie los blijven voeren zoals die nu is opgezet, en kan de voorbereiding op het productpaspoort apart oppakken zodra er meer duidelijkheid is over de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal — met name over wie in de eigen keten straks welke rol krijgt, van fabrikant tot distributeur of handelaar.
Waar dit op gebaseerd is
- Verordening (EU) 2023/956 (koolstofgrenscorrectiemechanisme, CBAM)
- Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), artikel 39 (test-, meet- en berekeningsmethoden)
De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.
Wat u concreet moet doen
CBAM en het digitale productpaspoort lijken op elkaar omdat ze allebei gegevens vragen over herkomst en samenstelling van staal. Maar het zijn twee verschillende regelingen met een ander doel, een andere wettelijke basis en andere gegevens. Wie ze door elkaar haalt, loopt het risico dubbel werk te doen of — erger — te denken dat het één het ander vervangt.
Wat er van u wordt verwacht
CBAM-rapportage is een douane- en klimaatverplichting, geen productinformatie
CBAM, geregeld in Verordening (EU) 2023/956, gaat over de koolstofuitstoot die vrijkomt bij de productie van ijzer en staal buiten de EU. De rapportage is gekoppeld aan de invoer: wie staal importeert, rapporteert over de embedded emissions van die specifieke zending. Dat is iets anders dan het productpaspoort, dat gegevens over een product gedurende de hele levensduur beschikbaar houdt — ook nog jaren na de verkoop. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers dat staal importeert, betekent dit in de praktijk dat er twee aparte administraties naast elkaar lopen: een emissie-administratie voor de douane, en een productadministratie voor het paspoort.
Het productpaspoort vraagt om andere gegevens dan CBAM
Het productpaspoort onder de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) draait om materiaalsamenstelling, herkomst, reparatie- en recyclinginformatie — niet primair om CO2-uitstoot per zending. Artikel 39 van die verordening beschrijft dat test-, meet- en berekeningsmethoden voor de gegevens in het paspoort worden vastgelegd via gedelegeerde of uitvoeringshandelingen, per productgroep. Voor staal is nog niet gepubliceerd welke methoden dat precies worden. Dat betekent dat een bedrijf de CBAM-cijfers niet zomaar kan kopiëren naar het paspoort: de rekenmethode, de scope en het detailniveau kunnen verschillen, ook als het uiteindelijk over CO2 gaat.
Overlappende gegevens kunnen wel als bouwsteen dienen
Dat de twee regelingen niet identiek zijn, wil niet zeggen dat de gegevens niets met elkaar te maken hebben. Emissiegegevens die voor CBAM al zijn verzameld — over het productieproces, de gebruikte energiebron, het land van herkomst — zijn vaak dezelfde onderliggende gegevens die ook relevant zijn voor het paspoort. Praktisch gezien is het zinvol om die gegevens één keer bij de bron (de fabrikant) op te vragen en vast te leggen op een manier die voor beide doeleinden herbruikbaar is, in plaats van twee keer apart te vragen.
De verantwoordelijkheid ligt niet automatisch bij dezelfde partij
Bij CBAM is de aangever bij invoer verantwoordelijk voor de rapportage. Bij het productpaspoort ligt de verantwoordelijkheid in de eerste plaats bij de fabrikant, en bij import van buiten de EU verschuift een deel daarvan naar de importeur. Wie dat precies is in een gegeven situatie, staat beschreven op de pagina over wie verantwoordelijk is voor het productpaspoort van staal. Dat is niet automatisch dezelfde afdeling of persoon die de CBAM-rapportage verzorgt — bij middelgrote bedrijven zit CBAM vaak bij finance of douanezaken, en het productpaspoort bij kwaliteit of inkoop. Zonder afstemming tussen die afdelingen ontstaat het risico dat niemand het totaalbeeld heeft.
Waar het misgaat in de praktijk
Een importeur denkt dat de CBAM-rapportage die al bij de douane wordt ingediend, ook volstaat als basis voor het productpaspoort, en stelt het opzetten van een apart paspoorttraject daarom uit. Wanneer de verplichting voor staal ingaat, is er dan geen tijd meer om alsnog gegevens bij de fabrikant op te vragen.
Een bedrijf vraagt de buitenlandse fabrikant om "de CBAM-gegevens" en krijgt een emissiecijfer per ton staal, zonder onderliggende informatie over samenstelling, productieproces of herkomstland — gegevens die voor het paspoort wél nodig zijn maar niet in de CBAM-rapportage zelf staan.
Twee afdelingen binnen hetzelfde bedrijf vragen onafhankelijk van elkaar dezelfde soort gegevens op bij dezelfde leverancier, wat tot verwarring leidt over welke cijfers de "officiële" zijn wanneer de fabrikant op twee momenten net iets andere cijfers doorgeeft.
Een handelaar die zelf niet importeert, maar staal doorverkoopt dat al met CBAM-gegevens de EU is binnengekomen, gaat er ten onrechte van uit dat met die gegevens ook aan de eigen paspoortverplichtingen is voldaan. Welke verplichtingen voor een tussenpartij precies gelden, staat beschreven op de pagina over de verplichtingen van een distributeur of handelaar van staal.
Een bedrijf gaat ervan uit dat omdat de CBAM-verordening al langer geldt en goed is ingericht, het productpaspoort een kwestie van "hetzelfde erbij plakken" is — en onderschat daardoor de tijd die nodig is om nieuwe gegevens bij de fabrikant te verzamelen, zeker wanneer die buiten de Europese Unie zit.
Wat u kunt vastleggen
- Een overzicht van welke gegevens al worden verzameld voor CBAM-rapportage, en welke daarvan mogelijk herbruikbaar zijn voor het productpaspoort.
- Een interne afspraak over welke afdeling of functie verantwoordelijk is voor CBAM-rapportage en welke voor het productpaspoort, inclusief een vast contactmoment tussen beide.
- Een dossier per fabrikant of leverancier met de gegevens die voor CBAM zijn ontvangen, gescheiden bewaard van de gegevens die specifiek voor het paspoort zijn opgevraagd.
- Een vastgelegde afspraak met de fabrikant over de rekenmethode die is gebruikt voor eventuele emissiegegevens, zodat later te herleiden is of die methode aansluit bij wat artikel 39 van de ESPR voor staal gaat voorschrijven zodra dat bekend is.
- Een aantekening van de datum waarop gegevens zijn ontvangen en van wie, zodat bij een latere vraag over de juistheid van cijfers duidelijk is waar de gegevens vandaan kwamen — relevant voor wie zich afvraagt wie aansprakelijk is als er foute gegevens in het productpaspoort staan.
Zodra de gedelegeerde handeling voor staal onder de ESPR is gepubliceerd en de rekenmethoden voor emissie- en materiaalgegevens vastliggen, wordt hier aangevuld hoe CBAM-gegevens en paspoortgegevens zich precies tot elkaar verhouden.
Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.
Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.