ferropas.eu

moet ik vastleggen waar het ijzererts vandaan komt in het paspoort

Nog niet vastgelegd in de ESPR-tekst zelf

Of de herkomst van het ijzererts in het productpaspoort van staal moet komen, staat niet als zodanig in de ESPR. De verordening (Verordening (EU) 2024/1781) regelt in de artikelen 5 tot en met 7 dát er productgroepen komen met eigen eisen, en welke informatie een digitaal productpaspoort in ieder geval kan bevatten volgens artikel 10 — denk aan duurzaamheid, herkomst van materialen, recyclinginhoud en CO2-voetafdruk als categorieën. Maar welke gegevens precies verplicht worden voor ijzer en staal, inclusief de vraag of dat tot op ertsniveau gaat, wordt pas ingevuld in de gedelegeerde handeling die specifiek voor deze productgroep komt. Die is er nog niet.

Dit raakt de hele keten, niet alleen de mijn

Deze vraag speelt niet alleen bij wie zelf erts wint of importeert. Een staalhandel of metaalverwerker die halffabricaten inkoopt en doorverkoopt, krijgt met dezelfde vraag te maken zodra het paspoort verplicht wordt, omdat de herkomstgegevens dan ergens in de keten moeten zijn vastgelegd en doorgegeven — niet noodzakelijk door elke schakel zelf verzameld, maar wel beschikbaar voor het paspoort dat bij het product hoort. Het onderscheid dat waarschijnlijk gaat gelden (en dat nu al zichtbaar is in hoe andere metaalgegevens worden opgezet) is dat tussen "waar komt het ijzererts vandaan" en "wat is het aandeel schroot versus primair materiaal in de smelt". Dat laatste is een aparte vraag met een eigen aanpak, beschreven in hoe je het aandeel schroot in de smelt vastlegt. Herkomst van erts gaat over de bron van het primaire materiaal; het schrootaandeel gaat over de samenstelling van de smelt. Beide kunnen los van elkaar in het paspoort terechtkomen, of geen van beide — dat is precies wat nog niet vastligt.

Deze vraag gaat ook niet over CBAM. Het Carbon Border Adjustment Mechanism registreert emissies bij invoer van staal en ijzer uit landen buiten de EU, en dat is een ander instrument met een andere rapportageplicht. Wat CBAM voor de invoer van staal betekent, staat beschreven op de pagina over CBAM en staal; wie daar al mee te maken heeft, loopt overigens al tegen een vergelijkbare vraag aan — namelijk of en hoe de oorsprong van het ruwe materiaal moet worden aangetoond. Die ervaring is straks relevant, maar de verplichting zelf komt uit een andere regeling.

Vastgesteld: nog geen gedelegeerde handeling voor staal

De datum waarop dit duidelijk wordt, staat nog niet vast. Volgens het ESPR-werkplan 2025-2030 wordt de eerste gedelegeerde handeling voor prioritaire productgroepen in 2026 verwacht, met verplichtingen die daarna nog eens gelden vanaf achttien maanden later. IJzer en staal zijn genoemd als een van de productgroepen waarvoor dit traject loopt, maar de tekst die precies aangeeft welke gegevens in het paspoort moeten — en of ertsherkomst daar één van is — is er nog niet. Tot die handeling gepubliceerd is, geldt er voor deze specifieke vraag geen verplichting vanuit de ESPR. Zodra de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal verschijnt, wordt deze pagina bijgewerkt met de datum en de inhoud van die verplichting.

Wat te doen terwijl de regels nog niet vastliggen

Wachten tot de gedelegeerde handeling er is, is een geldige optie, maar wie nu al erts inkoopt of doorverkoopt kan ondertussen wel voorbereidend werk doen. Het begint met nagaan welke herkomstgegevens al beschikbaar zijn bij de eigen leverancier of importeur — vaak staat dit al genoteerd op inkoopdocumenten of in kwaliteitscertificaten, ook als er nog geen wettelijke plicht is om het apart vast te leggen. Een tweede stap is kijken naar wat er al aan documentatie bestaat rond een product, zoals het keuringscertificaat 3.1; hoe dat certificaat zich verhoudt tot het toekomstige productpaspoort staat beschreven op de pagina over het keuringscertificaat en het paspoort, en die vergelijking laat zien welke gegevens al ergens vastliggen en welke nog ontbreken. Een derde stap, voor wie zich zorgen maakt over concurrentiegevoelige informatie zoals een specifieke ertsbron of leverancier, is nagaan wat er sowieso wel en niet openbaar moet worden zodra een paspoort verplicht is — dat is uitgewerkt op de pagina over bedrijfsgevoelige gegevens. Wie deze drie stappen doorloopt, staat er goed voor zodra de gedelegeerde handeling verschijnt, zonder dat er nu al iets verplicht wordt vastgelegd wat achteraf misschien niet nodig was.

Grond: artikelen 5-7 en artikel 10 van de ESPR

De basis voor dit antwoord ligt in de artikelen 5 tot en met 7 van de ESPR (Verordening (EU) 2024/1781), die de bevoegdheid geven om per productgroep — via een gedelegeerde handeling — vast te stellen welke ecologisch-ontwerpeisen en informatieverplichtingen gelden. Artikel 10 van dezelfde verordening geeft de algemene kaders voor wat een digitaal productpaspoort kan bevatten, waaronder herkomst van materialen als mogelijke categorie, maar dit artikel maakt zelf geen productgroep-specifieke keuze. Die keuze — of ertsherkomst voor ijzer en staal verplicht wordt — valt onder de gedelegeerde handeling die nog niet is gepubliceerd.

Wie op dit moment wil weten welke gegevens al met voldoende zekerheid in het toekomstige paspoort van staal terugkomen, vindt een overzicht op de pagina over de gegevens in het productpaspoort van staal; die pagina wordt bijgewerkt zodra de gedelegeerde handeling voor deze productgroep verschijnt, en dat is ook het moment waarop deze specifieke vraag over ertsherkomst een definitief antwoord krijgt.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De ESPR zelf noemt in de artikelen 5 tot en met 7 een reeks categorieën waarop productvereisten gebaseerd kunnen worden, zoals duurzaamheid, hergebruik, recyclebaarheid en CO2-voetafdruk. Herkomst van grondstoffen wordt daar genoemd als mogelijk aandachtspunt bij de prestatie- en informatievereisten, maar welke gegevens voor staal concreet verplicht worden, staat pas vast zodra de gedelegeerde handeling voor deze productgroep is gepubliceerd. Wat dat in de praktijk betekent, is dat een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers nu nog niet met zekerheid kan weten of "waar komt dit ijzererts vandaan" straks een verplicht veld in het paspoort wordt.

Productspecifieke uitwerking via een gedelegeerde handeling

Artikel 10 van de ESPR beschrijft wat een digitaal productpaspoort in algemene zin moet kunnen: het moet gegevens op een gestandaardiseerde manier toegankelijk maken, gekoppeld aan een unieke identificatie van het product. Welke gegevens dat precies zijn voor ijzer en staal, wordt per productgroep ingevuld. Voor een handelsonderneming of verwerker betekent dit dat de vraag naar ertsherkomst pas beantwoord kan worden zodra bekend is wat die productspecifieke handeling voor staal voorschrijft. Op welke gegevens komen er in het productpaspoort van staal? staat een overzicht van wat er tot nu toe bekend is over de te verwachten inhoud.

Onderscheid tussen herkomst van erts en herkomst van schroot

In de discussie rond staal en circulariteit wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen primaire grondstof (ertsen) en secundaire grondstof (schroot). Voor het aandeel schroot in een smeltbatch bestaat al meer praktijkervaring met vastlegging, omdat dit raakt aan de CO2-berekening van een product. Een bedrijf dat nu al nadenkt over herkomstregistratie kan zich makkelijker aansluiten bij de manier waarop hoe leg ik het aandeel schroot in de smelt vast? dat beschrijft, ook al is dat een ander gegeven dan de herkomst van ertsen.

Herkomst als onderdeel van een bredere CO2- of ketenclaim

Ook als de herkomst van erts zelf niet als los, verplicht veld terugkomt, kan die informatie relevant worden als onderbouwing van een andere claim, zoals de CO2-uitstoot per ton staal. Een fabrikant die aantoont welke uitstoot aan een bepaalde partij staal hangt, moet daarvoor doorgaans iets zeggen over de gebruikte grondstoffen en het proces. Dat traject wordt beschreven op hoe toon ik de CO2-uitstoot per ton staal aan?. Voor een middelgroot bedrijf betekent dit dat herkomstgegevens praktisch gezien vaak al ergens in de keten worden vastgelegd, ook zonder dat de wet daar nu al een uitdrukkelijke, losse verplichting voor stelt.

Waar het misgaat in de praktijk

Een eerste situatie die vaak voorkomt: een inkoper vraagt de leverancier om een verklaring over de herkomst van het erts, terwijl daarvoor nog geen vastgestelde vorm of verplichting bestaat. Er ontstaat dan een document dat goed bedoeld is, maar niet aansluit op wat het paspoort straks daadwerkelijk zal vragen.

Een tweede situatie: bedrijven verwarren herkomst van erts met herkomst van het halffabricaat zelf (het land waar de bewerking heeft plaatsgevonden). Dat zijn twee verschillende gegevens, met andere gevolgen — het tweede raakt bijvoorbeeld aan CBAM-verplichtingen bij invoer, zoals beschreven op wat betekent CBAM voor de invoer van staal?, terwijl de herkomst van het erts een ander gegeven is dat daar niet automatisch mee samenvalt.

Een derde situatie ontstaat wanneer een fabrikant herkomstgegevens over erts als bedrijfsgevoelig beschouwt en niet wil delen met de handelspartij die het paspoort samenstelt. Dat raakt aan een bredere vraag die los staat van de ESPR-tijdlijn, namelijk welke gegevens sowieso openbaar moeten worden gemaakt en welke niet; die afweging staat beschreven op moet ik bedrijfsgevoelige gegevens over mijn staal openbaar maken?.

Een vierde situatie: een verwerker gaat er ten onrechte van uit dat omdat de norm en staalsoort al zijn vastgelegd, de herkomst van de grondstof daarmee ook impliciet geregeld is. Normvastlegging en herkomstvastlegging zijn twee losse onderwerpen, ook al worden ze soms in één certificaat samengebracht.

Een vijfde, subtielere situatie: een bedrijf legt herkomstinformatie nu al vast in een vorm die niet aansluit bij de gestandaardiseerde, digitale opzet die artikel 10 van de ESPR voor het paspoort vereist, waardoor die informatie later opnieuw verwerkt moet worden.

Wat u kunt vastleggen

  • Correspondentie met de fabrikant of importeur waarin gevraagd wordt naar de oorsprong van gebruikte grondstoffen, ook zonder dat daar nu al een vaste vorm voor bestaat.
  • Interne notities over welke leveranciers herkomstgegevens al standaard aanleveren en welke niet, zodat dit inzichtelijk is zodra de productspecifieke handeling gepubliceerd wordt.
  • Documentatie die al wordt bijgehouden voor het aandeel schroot in de smelt, omdat die vastlegging qua opzet vaak herbruikbaar is voor andere ketengegevens.
  • Onderbouwing die gebruikt wordt voor CO2-claims per ton staal, voor zover daarin al iets over de grondstofherkomst is opgenomen.
  • Het bestaande keuringscertificaat 3.1, waarin soms al iets over herkomst van materiaal staat vermeld; hoe dat certificaat zich verhoudt tot het toekomstige paspoort staat beschreven op hoe verhoudt een keuringscertificaat 3.1 zich tot het productpaspoort?.
  • Een overzicht van wie binnen de eigen organisatie of keten toegang zou moeten krijgen tot herkomstgegevens, zodra die wel verplicht worden; zie ook wie mag welke gegevens uit het productpaspoort inzien?.

Zodra de gedelegeerde handeling voor ijzer en staal is gepubliceerd, wordt hier aangevuld of, en zo ja hoe, de herkomst van erts als apart gegeven in het paspoort moet worden opgenomen.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-09-05. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.